08-10-11

Boek van de maand

Toen God de wereld creerde, na het inplanten van de zee en het land, de mensen en de dieren, en hij aan het plantenrijk kwam, vroeg hij wat ze wilden worden. Toen hij aan de  De bloemen vroegen hun kleur, de bomen hun vruchten en de struiken zeiden:

- wij willen soepel en sterk zijn om de weerbots van het geluk aan te kunnen.

God maakte hen sterk en soepel, toen was het de beurt aan de Jacarandá, die zei:

- Ik wil kokket zijn zoals een vrouw, en God maakte hen kokket. Het rietveld dacht diep na en vroeg:

- wij willen lang en sterk zijn, zodat we dienen als speren en pijlen voor dappere krijgers of om tronen te maken van krijgsheren.

Toen was het de beurt aan de ombú, hij stond er een beetje verdwaasd bij, dromend, zonder enig idee wat hij wel wilde worden als hij groot was. Zijn antwoord was dan een beetje langer dan de rest:

- Ik wil omvangrijk zijn, schaduw geven aan iedereen die wil rusten, een parfum hebben waardoor iedereen zijn zorgen vergeet, niet kleurrijk, nog saai, Tata Dios, ik wil er zijn voor de mensen, hun vermoeidheid wegnemen en hen opladen voor de uitdagingen die zij in hun leven willen opnemen. Ik wil een oase zijn aan riviertjes en hoog in de bergen, geen water vermorsen, zodat de dorstigen zich kunnen laven aan de rivier aan mijn voeten, ik wil dienen als vuur voor hun maaltijd, hen warmte geven in strenge winters.

en God zei tegen de ombú:

- Al wat je vraagt zal je krijgen.

Er gingen eeuwen voorbij en de redder van de wereld kwam neer op de aarde, hij redde de mensheid en liet zich kruisigen. Toen de ombú dit te weten kwam, vroeg hij een onderhoud met Tata God. Vol pijn en rouw in zijn gebladerte zei de ombú:

- Tata, toen u aan het plantenrijk vroeg wat we wilde worden, wilden we allemaal mooi zijn, sterk en nuttig en ze gebruikten dit om de redder te kruisigen, ik wil dus geen van dit alles zijn, niet sterk, niet soepel, niet mooi, noch nuttig, zodat ik nooit als een kruis kan gebruikt worden.

- Boompje vol ziel en medeleven, ik wil je niets ontnemen wat ik je ooit gegeven heb, sprak God, jij blijft mooi en nuttig voor de mensen zodat zij aan jou kunnen zien wat echte liefde is.

Deze legende van de ombú is volgens mij de inspiratie voor het boek Onder de Ombu van Montefiore. Santa Montefiore is geboren als Santa Palmer-Tomkinson, een waterman uit de jaren 70. Zij groeide op tussen de adel van Engeland. Voor haar Spaans te leren, trok ze een jaar naar een estancia in Argentinie en daarna woonde ze een paar jaar in Buenos Aires. Vier van haar boeken spelen zich af in Argentinie, waaronder 'onder de ombu'. Zij is getrouwd met de bestseller-schrijver Simon Sebag Montefiore, een engelse familie van Italiaanse migranten.

'Ik kan niet aan Argentinië denken zonder dat het beeld van die knoestige boom, wijs en alwetend als een orakel, zich aan mijn bewustzijn opdringt. Ik weet dat het onmogelijk is het verleden te doen herleven, maar in het web van zijn oude takken liggen al mijn herinneringen en hoop voor de toekomst besloten. De ombu is al die tijd hetzelfde gebleven, als een steen in het midden van een rivier, terwijl de wereld eromheen is veranderd.'

Zo begint het verhaal van Sofia Solanas, dochter van de rijke Argentijnse paardenfokker Paco Solanas en Anna Melody O21370.jpg'Dwyer, een Iers plattelandsmeisje. Anna heeft nooit helemaal kunnen aarden op Santa Catalina, de familieranch. Ze heeft altijd het idee gehad niet goed genoeg te zijn bevonden door de familie Solanas. Haar liefhebbende maar eenvoudige ouders ziet ze de eerste jaren van haar huwelijk niet, bang dat zij haar te schande zullen maken.

Na twee zonen krijgt Anna een dochter, maar deze dochter, met haar mengeling van Argentijns en Iers bloed, is niet bepaald een dame. Haar wildheid en haar schoonheid maken haar zeer geliefd bij iedereen, behalve bij haar moeder. De levenslustige en vrolijke Sofia botst vaak met de diepgelovige Anna, die in alles de wil van God ziet. De band die Sofia met haar vader heeft pijnigt Anna. Sofia windt haar vader om haar vinger, en mag van hem zelfs een polowedstrijd spelen.

Santi, de neef van Sofia, vindt haar erg amusant. Haar ongetemdheid en haar plotselinge uitbarstingen maken haar heel anders dan andere meisjes. En langzaam beginnen hem ook andere verschillen op te vallen. Tussen Sofia en Santi groeit meer dan vriendschap, en meer dan een familieband... Ze weten beiden dat zij wellicht voor elkaar bestemd zijn, maar elkaar nooit zullen krijgen.

Een boek om te lezen, te smaken, te voelen. Een boek om het leven van de estancias van Argentinie beter te begrijpen.

De commentaren zijn gesloten.